Krijgersfiguren komen het vaakst voor in het oeuvre van D’Haese. Enerzijds bulken ze van de energie en anderzijds is er steeds een band met het verleden. De wapenrusting van de Saraceen wordt meer gesuggereerd dan getoond, maar de scherpe en grillige vormen laten weinig aan de verbeelding over. De kunstenaar had het liefst gezien dat dit beeld werd opgesteld in de stad, in een lege nis waaruit het oorspronkelijke beeld, zoals tijdens de beeldenstorm, was verdwenen