1953/geut door Susse frères 1959/aanpassing geut door Vindevogel 1960
Description
Floris Jespers heeft een interessant maar erg ingelijk oeuvre waarin hij het cubisme, het expressionisme, het surrealisme en een abstract modernisme in de schilderkunst doorloopt. In de jaren 1950 herbront hij zich in Congo waar zijn zoon arts is. Tijdens zijn reizen is Jespers naar eigen zeggen getroffen geweest door het sculpturale van de lichamen van de inheemse bevolking en de plasticiteit van de natuur.
Deze kleine beeldengroep bestond origineel uit ijzer, cement en vodden en was zo te zien in het Middelheimmuseum. Toen het museum in 1958 besliste over de aankoop, werd overeengekomen het te laten gieten in brons door Susse Frères, wat een quasi onmogelijke opdracht was. Toen de bronzen geut eindelijk toekwam in het museum eind 1959 was die niet naar wens van de kunstenaar en het museum: de stand van twee hoofdjes was veranderd, de stand van de draperie klopte niet en de positie van de drie vrouwen was veranderd. Het werd in handen gegeven van bronsgieter Vindevogel die in 1960 de correcties aanbracht en het werk een vast voetstuk gaf. Het origineel werd zoals afgesproken met de kunstenaar, vernietigd. Dit exemplaar in brons is uniek.